Pizzabakker onterecht ontslagen?

In 2015 heeft het Gerechtshof in Amsterdam een arrest gewezen over de wederindiensttredingsvoorwaarde. Het UWV kan deze voorwaarde verbinden aan een ontslagvergunning. Deze voorwaarde houdt in dat een werkgever nadat een werknemer ontslagen is binnen een termijn (van meestal 26 weken) geen nieuwe werknemer mag aannemen voor dezelfde functie. In deze zaak heeft de werkgever intern geschoven met personeel. De vraag was dan ook of dit is toegestaan.

Het UWV gaf een ontslagvergunning wegens bedrijfseconomische redenen

Meneer X is op 1 maart 2000 bij HEC gaan werken als pizzabakker. In 2010 heeft HEC vanwege bedrijfseconomische omstandigheden een ontslagvergunning aangevraagd bij het UWV. HEC heeft in de aanvraag aangegeven dat ze de aparte pizza afdeling zou sluiten en zou gaan werken met kant en klare bodems. Het UWV heeft de ontslagvergunning verleend en heeft daaraan een wederindiensttredingsvoorwaarde gekoppeld.

De kantonrechter is van oordeel dat de wederindiensttredingsvoorwaarde is geschonden

Enige tijd nadat meneer X ontslagen was, kwam hij er achter dat een collega zijn werk had overgenomen. Meneer X heeft daarom de rechter gevraagd om te verklaren dat de wederindiensttredingsvoorwaarde was geschonden. Meneer X heeft aangetoond dat zijn werkzaamheden enkel bestonden uit pizzabakken. Verder heeft hij aangetoond dat zijn collega meneer A eerst een manusje van alles was maar sinds zijn ontslag alleen nog maar pizza’s bakte. De kantonrechter was van oordeel dat daaruit duidelijk werd dat er eigenlijk toch werk voor meneer X in als pizzabakker binnen het bedrijf HEC aanwezig was en gaf meneer X gelijk.

Het Gerechtshof is van oordeel dat de wederindiensttredingsvoorwaarde niet is geschonden

HEC is tegen dit oordeel in beroep gegaan. Het Gerechtshof kwam tot het oordeel dat de wederindiensttredingsvoorwaarde niet geschonden was.  De voorwaarde geldt volgens haar alleen als binnen de termijn een nieuwe werknemer wordt aangetrokken die hetzelfde werk gaat doen als de werknemer die ontslagen is. Daarvan was in dit geval geen sprake.

Het Gerechthof is van oordeel dat er geen valse reden voor ontslag was

Het Gerechtshof heeft daarna nog geoordeeld over de vraag of het ontslag kennelijk onredelijk was . Ook daarvan is volgens het hof geen sprake. HEC heeft meneer X uit kostenoverwegingen ontslagen. Na het ontslag van meneer X is in eerste instantie gewerkt met kant en klaar bodems. Pas toen bleek dat dit niet goed was voor klanten is HEC daar weer mee gestopt. Het ontslag is volgens het Gerechthof niet onder een voorgewende of valse reden gegeven.  Gezien de concrete omstandigheden van meneer X heeft het Gerechthof aan meneer X wel een schadevergoeding toegekend.

Conclusie

Deze strikte interpretatie lijkt kansen te bieden om de wederindiensttredingsvoorwaarde te omzeilen.  Zolang de werkgever geen nieuwe werknemers aanneemt, lijkt het toegestaan te zijn om (tijdelijk) met personeel te schuiven.

 

Bron: Rechtspraak